Wageningen: Gebrek aan inspraak Afrikaanse diaspora is gemiste kans

28 April 2015, door: Elly Reimerink

unnamed

De Afrikaanse diaspora hebben door hun ervaring en familiebanden in hun land van herkomst èn in Nederland unieke kennis en visies als het gaat om Nederlands en Europees beleid aangaande hun land van herkomst. Dit blijkt uit onderzoek van de Wetenschapswinkel van Wageningen UR in samenwerking met de leerstoelgroep Kennis, Technologie en Innovatie van Wageningen University op verzoek van Africa In Motion, een lobby organisatie van Afrikaanse diaspora in Nederland.

Afrikaans-Nederlandse professionals hebben een voordeel door hun bekendheid met communicatie, cultuur, landbouw, gezondheids- en handelspraktijken afhankelijk van hun ervaring en contacten in Nederland èn in de landen van herkomst in Afrika. Neem ebola, de kennis van diaspora uit getroffen landen wordt dagelijks gevoed. Of visserij, Kaapverdianen in Nederland horen en merken de gevolgen van EU beleid op het gebied van visserij in Kaapverdië via hun familie in deze sector. In het kader van het onderzoek is een simulatie van een EU consultatie uitgevoerd met Afrikaanse diaspora rondom het EU Raw Materials Initiative. Hieruit komt duidelijk een andere visie op duurzaamheid naar voren. Duurzaamheid zit volgens de diaspora meer in het creëren van toegevoegde waarde aan grondstoffen in Afrika. Dit creëert volgens hen werkgelegenheid en zorgt voor een afname in conflicten. Zij denken meer in termen van wie heeft de regie in handen en hoe kom je tot win-win formules.

Buitensluiten van diaspora
Eerder dit jaar maakte het ministerie van Buitenlandse Zaken haar 25 ‘partners’ voor internationale handel en ontwikkelingssamenwerking bekend. Onder hen bevinden zich geen Afrikaanse diaspora organisaties. Hetzelfde geldt voor de op gang gebrachte noodhulp rondom Ebola. Het lukte het Migrants Consortium Against Ebola niet onderdeel te worden van de giro 555 actie. Het onderzoek laat zien dat het buitensluiten van diaspora organisaties resulteert in een ‘wij’ versus ‘zij’ gevoel onder diaspora.

De toestand in het land van herkomst is van grote invloed op het dagelijks leven van Afrikaanse diaspora in Nederland. Deze situatie is volgens Afrikaanse diaspora in een aantal gevallen mede het gevolg van Nederlands en Europees beleid. Zij zien zich genoodzaakt hun familie financieel te ondersteunen. Het totaalbedrag dat Afrikaanse diaspora overmaken naar hun landen van herkomst, de zogenaamde remittances, is groter dan het budget voor ontwikkelingssamenwerking voor die landen . Deze financiële betrokkenheid wordt niet weerspiegeld in de mate waarin Afrikaanse diaspora betrokken worden bij de totstandkoming en uitvoering van beleid op het gebied van ontwikkelingssamenwerking en handelsrelaties met Afrika.

Meedenken voor de toekomst
Een groeiende groep Afrikaanse diaspora wil meedenken als het gaat om beleid dat van grote invloed is op hun land van herkomst. Een aantal diaspora organisaties wil erkend worden als belangrijke partner in internationale samenwerking. Zij willen niet alleen meepraten als het gaat om migratie, integratie of ontwikkeling, maar ook als het gaat over grondstoffenverdragen en andere zaken van belang voor Nederland en Afrika. Zij erkennen de noodzaak zichzelf te organiseren in representatieve organen. Een mooi voorbeeld is het UBUNTU fonds in oprichting, een gezamenlijk investeringsfonds van Afrikaanse migranten, dat hen in staat stelt een rol te kunnen spelen op macro-economisch niveau in herkomstlanden.

Een drempel voor geïnstitutionaliseerde inspraak is dat de omzet en track record van Afrikaanse diaspora organisaties hen niet in staat stelt penvoerder te zijn. Maar ook het gebrek aan interesse bij ontwikkelingsorganisaties om allianties aan te gaan met diaspora organisaties vormt een drempel tot participatie. De overheid kan een rol spelen in het opstellen van criteria voor voorstellen en allianties om de participatie van Afrikaanse diaspora te bevorderen.

Resultaten uit het onderzoek
De Policy Brief met de onderzoeksresultaten en aanbevelingen is verstuurd naar alle leden van de Algemene commissie Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking voor de commissie vergadering van woensdag 22 april over Maatschappelijke Organisaties en Ontwikkelingssamenwerking. 

Een aantal interviews uit het onderzoek zijn al gepubliceerd in de verhalenbundel “Make Africa Shine. Narratives of African Diaspora on Policy-Making Concerning Africa”. Beide documenten zijn te downloaden vanaf de website van de Wetenschapswinkel.

Noot voor redactie
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:
Margriet Goris, projectmanager Wetenschapswinkel Wageningen UR, 06-28109539 of margriet.goris@wur.nl

Voor een interview kunt u contact opnemen met:
Max Koffi, Africa In Motion, 06-30766288 of m.koffi@africainmotion.nl
Babah Tarawally is eveneens bereid een interview te geven. Hij is bereikbaar via Max Koffi.

Dr. Rico Lie, Universitair Docent, Leerstoelgroep Kennis, Technologie en Innovatie, Wageningen University, 0317-482599 of rico.lie@wur.nl